Charles Darwin, Het ontstaan van soorten

Lezers

Naam ↑ Cijfer Gelezen in
sluis 10 2009

Oorspronkelijke titel: The origin of species
Oorspronkelijke taal: Engels
Verschenen in: 1859
Pagina's: 526
Score: 10
Aantal lezers: 1

Recensies

Recensie van sluis (waardering: 10)
Vanwege het wetenschappelijke belang en de impact ervan op de samenleving natuurlijk een fantastisch boek. Het lijkt me dat het debat over dit onderwerp 150 jaar geleden een stuk verfrissender gevoerd werd dan tegenwoordig. Tegenstanders van de evolutietheorie kwamen gewoon met redelijke argumenten. Of vond Darwin het (terecht) niet de moeite waard te reageren op het argument: "Er staat geschreven..."?

Knappe prestatie: nog altijd staat de theorie in grote lijnen zoals Darwin haar formuleerde. Welke biologische theorie uit de 19e eeuw kan dat evenaren? Helemaal als je bedenkt dat er over erfelijkheid in die tijd nog niets bekend was.

Hoewel Darwin geen onverdienstelijk schrijver is, is het boek - geheel in 19e eeuwse wetenschappelijke stijl - gortdroog. Daarom slechts 10 schamele puntjes voor dit wereldboek.

Citaten

Hoewel veel duister blijft en nog lang duister zal blijven, twijfel ik er, na de meest zorgvuldige studie en naar het onpartijdigste oordeel waartoe ik in staat ben, niet aan dat het standpunt dat de meeste natuurvorsers tot voor kort aanhingen, en dat ikzelf vroeger ook huldigde - namelijk dat elke soort afzonderlijk is geschapen - onjuist is.
pagina 26

Iedereen heeft wel gehoord dat als een Amerikaans bos gekapt wordt, er een totaal andere vegetatie opkomt. Maar men heeft waargenomen dat oude indiaanse ru´nes in het zuiden van de Verenigde Staten, waar vroeger de bomen moeten zijn gekapt, nu dezelfde prachtige verscheidenheid en dezelfde soortensamenstelling tentoonspreiden als het omringende ongerepte bos. Wat een strijd moet zich in de loop van de eeuwen hebben afgespeeld tussen de verschillende boomsoorten die elk jaarlijks hun zaden met duizenden tegelijk verspreidden; wat een oorlog tussen insecten onderling - tussen insecten, slakken en andere dieren en roofdieren.
pagina 91

Wie zou, als een stuk of tien soorten vogels zouden uitsterven, durven veronderstellen dat er mogelijk vogels hebben bestaan die hun vleugels alleen gebruikten om mee te klapwieken, zoals de booteend; om ze als vinnen in het water en als voorpoten op het land te gebruiken, zoals de pingu´n; en als zeilen, zoals de struisvogel; of bij wie ze helemaal geen functie hebben, zoals de kiwi? Toch deugt de structuur van elk van deze vogels wel degelijk onder de leefomstandigheden waaraan ze blootstaan, want stuk voor stuk moeten ze de strijd om het bestaan leveren. Het is echter beslist niet de best mogelijke structuur onder alle omstandigheden.
pagina 187

Wie gelooft dat elk levend wezen geschapen is zoals we het nu zien, moet zo nu en dan verbaasd staan als hij op een dier stuit waarvan de leefwijze en structuur niet met elkaar overeenkomen. Het is toch zonneklaar dat de van zwemvliezen voorziene poten van eenden en ganzen zijn ontwikkeld om te zwemmen? Toch bestaat er de Magelhaen-gans, die het hoogland bewoont, wel zwemvliezen heeft, maar zelden in de buurt van water komt. [...]
Wie in afzonderlijke en talloze scheppingen gelooft, zal misschien zeggen dat het de Schepper in deze gevallen behaagd heeft een levend wezen van de ene grondvorm voort te brengen dat de plaats inneemt van een levend wezen van de andere grondvorm. Maar in mijn ogen zegt men dan hetzelfde op een wat verhevener manier.
pagina 190

Onze theorie zit het blijven bestaan van lagere soorten echter niet in de weg. Natuurlijke selectie, of het blijven leven van de best toegeruste vormen, houdt namelijk niet automatisch progressieve ontwikkeling in. Ze profiteert slechts van variaties die ontstaan en elk levend wezen voordelen bieden in complexe omstandigheden waaronder het leeft. Men kan zich ook afvragen, voor zover wij dat kunnen beoordelen, welk voordeel voor een microscopisch klein infusiediertje, voor een ingewandsworm, of zelfs voor een regenworm een hoge organisatiegraad zou hebben.
pagina 138

De menselijke geest raakt van het nadenken over de uiteenlopende feiten bijna evenzeer onder de indruk als van de vergeefse poging de idee van eeuwigheid te bevatten.
pagina 338

Ontwikkeld door Haverweb - Design: Olga Willemsen